Vlaams NVVR-lid Karina Bex organiseert Sponsorrit naar het Lustrum

Elk jaar organiseren Karina en haar man Leo een All-In trektocht.  Deze keer doen ze de trektocht op een iets andere manier: ze gaan een tocht rijden van twee weken, van de 'duinengordel' in Vlaams-Limburg tot het Lustrum dat in Kootwijkerbroek wordt gehouden bij Paardenaccommodatie DOP.
Karina vertelt hoe ze te werk gaan.

Dit jaar rijden voor 3 Goede Doelen

Ons avontuur begint op vrijdag 20 mei in Meeuwen - Gruitrode (Belgisch Limburg) met een ruiterweekend, op zondag 22 mei houden we een stro-dorp (HIERVOOR ZIJN WE OP ZOEK NAAR NÓG MEER DEELNEMERS) en op maandag 23 mei vertrekken we te paard op onze trektocht.
We houden 2 rustdagen voor de paarden, maar doen die dagen een leuke honden-wandel-doe dag. Deze zijn op zaterdag 28 mei in de omgeving van Maasduinen, Eendenmeer en op dinsdag 31 mei t.h.v. de Veluwezoom, Velp, de Posbank. De Sponsortocht eindigt op vrijdag 3 juni op Paardenaccommodatie DOP, Kootwijkerbroek,  op het NVVR Lustrum.

We vertrekken vanuit de Duinengordel in Belgisch Limburg en komen toe op de Veluwe in NL.  We zwerven twee weken door bossen en heides, o.a. Solterheide, Stramproyerbroek, Weerter-Budelerbergen, Somerense en Stabrechtse Heide, Deurne De Peel, Maasduinen, we struinen over schitterende zandpaden en wandelen over veldwegen, m.a.w. rijden en genieten op de trage wegen.

 

Doelen

Webben voor 3 doelen gekozen, waarbij iedereen die sponsort zelf kan aanduiden aan wie ze hun geld willen besteed zien.

De eerste doelgroep is een wereldwijd gekende humanitaire organisatie, namelijk het Rode Kruis (waarbij we de afdeling van Meeuwen – Gruitrode hebben geselecteerd vanwege de startplek van onze trektocht).

De tweede doelgroep is een organisatie die hulphonden opleidt: Service Dogs levert hulphonden door heel Nederland voor mensen met een functiebeperking.

Doelgroep drie mag niet ontbreken, door hun inzet kunnen ruiters en menners talloze informatie bekomen over paardentoerisme in Nederland en omstreken. De meeste leden van NVVR kennen de oprichters van Stichting Hippisch Toerisme persoonlijk en dragen hen een warm hart toe.

 

Wat kan je doen

Wat kan je doen om deze doelgroepen tijdens onze trektocht en de hondenwandelingen te sponsoren?
Je kan zelf deelnemen en/of meezoeken naar sponsors!

 

DEELNEMEN

Deelnemen te paard kan enkel als jij jezelf sponsort (of laat sponsoren) op de dagen dat je meerijdt. Je regelt  je proviand en de overnachting voor jou en je paard helemaal zelf. We hanteren een maximum van 8 ruiters per groep per dagrit!
Leo is aanwezig voor back-up, water (paarden), noodsituaties enz.
Je geeft op voorhand via mail aan welke dagen je wilt meedoen, zodat wij je het start- en eindadres kunnen bezorgen.

Voor meer informatie:
email Karina Bex
of bel: +32/496.28.34.28

Hooi weken tgv suiker vermindering

Leidt je paard aan hoefbevangenheid, EMS (metabool syndroom) of IR (insuline resistentie ofwel diabetes type II), dan is het zaak heel consequent te letten op de inname van koolhydraten.

 

Gras voor melkvee

Moderne grassoorten bevatten hoge niveaus van zowel fructose en fructanen en eigenaren van hoefbevangenheid gevoelige paarden wordt geadviseerd om ze volledig te vermijden indien mogelijk. Raaigras is een belangrijke grassoort voor melkvee, die erg gevaarlijk is voor paarden die gevoelig zijn voor hoefbevangenheid, obesitas of insuline resistent zijn.
Wetenschappers proberen voortdurend deze grassen te manipuleren om nog hogere niveaus van fructose en fructanen te produceren, omdat een daling van de bloedsuikerspiegel bij melkvee het verlagen van de melkgift tot gevolg heeft. Hoog suikergehalte in het gras geeft ook beter kuilvoer, het gras is smakelijk en voor jongvee geeft het in kortere tijd een hoger gewicht, zonder extra krachtvoer.

Voor paarden

Paardeneigenaren zijn zich bewust van de gevaren van fructanen en de koppeling met hoefbevangenheid.
Gras/hooi van gras dat hoog is in fructose en fructaan is dubbel gevaarlijk. Fructanen zijn grotendeels onverteerbaar en breken goede darmbacteriën af, waardoor slechte darmbacteriën de overhand krijgen en het paard ziek wordt.
Raaigras bevat gemiddeld 252 mg per kg fructanen en 135 mg / kg fructose in vergelijking met 102 mg / kg en fructanen 20 mg / kg fructose in bijvoorbeeld Rood Zwenk gras.

Heb je hooi wat vermoedelijk hoog is in suikers, dan laten we je hier zien hoe je dat op een betrekkelijk eenvoudige manier veilig kunt maken voor paarden die gevoelig zijn voor deze suikers.
Laat het gedurende 15 tot 30 minuten in (liefst warm) water weken. Zo heb je de beste verhouding, minimale verliezen van droge stof en optimale verliezen van suikers.
Laat je het tot 12 uur weken, dan heb je maximaal verlies van suikers, maar dit gaat ten koste van een aanzienlijk verlies van droge stof. Door zo lang te weken gaan ook zeer essentiële voedingsstoffen verloren zoals eiwitten, vitaminen, mineralen en antioxidanten.

Hier onder een handige methode voor het goed weken van hooi per baal, met dank aan Jacqueline Verhagen.

Ververs het water na iedere baal!

Train je oog

Overgenomen van Horse Awareness

Weer een mooi plaatje van een paard dat op de correcte manier zijn hoofd en hals draagt.

  1. De atlaswervel is vrij. Dit is belangrijk – wanneer het paard zich te ver opkrult blokkeert deze wervel, doordat de atlasvleugels geen ruimte meer krijgen.
  2. De oorspeekselklier is vrij. Het kan pijnlijk zijn voor het paard wanneer deze bekneld raakt.
  3. Achter de kaak dient een driehoekje te ontstaan, zodat deze vrij kan bewegen. Wanneer deze ruimte niet vrij is, kan het strottenhoofd bekneld raken, waardoor het paard minder goed kan ademhalen.
  4. De bovenhalsspier is de spier die aangespannen dient te zijn om de ruiter op een juiste manier te kunnen dragen.
  5. De onderhals dient ontspannen te zijn. Als deze is aangespannen loopt het paard waarschijnlijk met een gespannen rug en daarnaast beïnvloedt het de algehele hoofd-hals houding als deze spier wordt aangespannen.

Train je oog

Bouw je eigen hooistomer

Helaas zijn 2 van mijn 3 merries overgevoelig voor droog hooi.
Als het niet vriest maak ik het nat. Dat gaat heel goed, maar bij vorst is dat niet handig. Daarom heb ik een hooistomer gebouwd.

Het volgende is daarvoor nodig:

  • Regenton met deksel 310 liter
  • Fietswiel zonder band 28 inch
  • Behangstomer
  • Trechter.

 

Onderin de ton zit een gat waarin normaal een kraantje gezet kan worden. Door dit gat komt de (ingekorte ) slang van de stomer. Hierboven het fietswiel. Dit zorgt ervoor dat de stoom weg kan.

Het hooi leg je er in lagen op, iedere laag kort met een gieter besproeien,  5 liter op de hele ton.

Deksel erop. Stomer via trechter vullen met (warm) water.

Stroom aansluiten. Na ruim een uur is het klaar.

Let op: Bij vorst na afloop de stomer legen!

Met dank aan Jacqueline Verhagen.

 

Daar is ze dan: de nieuwe, frisse website!

Al een hele tijd stond het op ons verlanglijstje: een nieuwe website. Na maanden hard werken is het dan zover: we zijn online! En wat is ze mooi geworden! Modern, overzichtelijk, met prachtige foto’s en natuurlijk heel erg prettig in gebruik. En natuurlijk ook geschikt voor smartphones en tablets. Kijk rustig rond en laat ons eens weten wat je ervan vindt.

 

Op HOME vind je allereerst wat algemene info over onze club, speciaal voor wie nog niet weet wat voor leuke club we hebben. Daaronder iets over de VrijRuiter en de actuele nieuwsberichten. Die heb je gevonden, want anders had je dit bericht niet gezien 🙂
Onder de nieuwsberichten vind je de blog-berichten. Dit blog zal de komende tijd gevuld gaan worden. Suggesties altijd welkom!

 

Meteen rechts kun je inloggen op het ledengedeelte. De mensen met bekend e-mailadres c.q. die gewend zijn in te loggen op de oude site hebben als het goed is een mailtje gehad over hoe ze op de nieuwe site kunnen inloggen, of krijgen dat zeer binnenkort.

Onder het inlogscherm staat het overzicht van de geplande activiteiten. Met een simpele klik vind je alle aanvullende informatie en kun je je opgeven.
Meer info over eendaagse en meerdaagse activiteiten vind je in het menu boven.

 

Wil je weten wie er in het bestuur of de meerdaagse commissie zitten, wie onze ledenadministratie doet of de VrijRuiter maken? Bij Over Ons kun je dat allemaal lezen. Met van de meesten nog een foto ook (al zijn de paarden op deze foto’s vaak prominenter dan de mensen 😀  .
Hier vind je ook een pagina met algemene, handige links van leuke bedrijven, sponsors en links om fijn bij de hand te hebben.

 

Het menu spreekt verder voor zich: het laatste Nieuws (zoals informatie over ruiterroutes, onze weekenden en nog veel meer) en een opgeschoond nieuwsarchief; NVVR-wiki met een verzameling informatie en laatste inzichten over voeding en huisvesting, gezondheid en bijzondere artikelen met een echte NVVR-benadering.
Onder VrijRuiter kun je meer lezen over het blad, zoals aankondigingen van artikelen en een melding als het nieuwe nummer weer uit is. Tevens kun je hier doorklikken naar het Archief waar je oudere VrijRuiters nog eens kunt inzien. Het archief is alleen toegankelijk als je lid bent en ingelogd. Ben je geen lid, dan kun je wel een proefnummer bekijken/lezen. Onder Contact vind je een formulier waarmee je contact kunt opnemen met diverse commissies en je wens, vraag of opmerking kunt doorgeven.

 

Wanneer je bent ingelogd krijg je een iets aangepast menu, met ook een optie Ledenpagina. Het kopje "Word lid" is verdwenen uit dat menu, dat ben je natuurlijk al 🙂 Onder ledenpagina krijg je dingen te zien die alleen voor leden zijn, zoals de zakelijke dingen die nu eenmaal bij een vereniging horen en de ledenlijst* zodat je kunt zien wie er bij jou in de regio wonen, etc.

Onnodig te zeggen dat we blijven aanvullen, met behulp van de leden, dus kom regelmatig even op de site langs en we zijn blij met je feedback/aanvullingen/links/tips en wat ook maar, want een vereniging, dat ben je met z'n allen 🙂

*uiteraard uitsluitend voor privégebruik

 

NVVR winstpunten – hoeveel heeft jouw paard er al?

winstpunten Edith

Chelsea, knappe pony!

Als je met hindernissen springen en dressuurkunsten winstpunten kunt verdienen, dan hebben onze
NVVR-paarden er ook wel heel wat te verdienen, zo bedachten wij in filosofisch samenzijn tijdens een NVVR-weekend.
Wij gingen eens aan het puntentellen. Net als bij de klasse B heb je voor je eerste weekend NUL winstpunten nodig, maar dan...
  Tekst: Karin Schouwenburg

Een snelle blik op Wikipedia leert: In een dressuurproef van de B tot en met de M2 kunnen maximaal 300 punten behaald worden, in 29 handelingen. In de proeven geeft de jury per handeling een cijfer variërend van 0 tot 10. Een 0 staat voor niet uitgevoerd en een 10 voor uitmuntend. Indien er voor de handelingen gemiddeld een 6 wordt gereden heb je 180 punten, dit is één winstpunt. Met tien winstpunten kun je naar de volgende klasse, met 30 winstpunten móet je door. Deze proeven worden gereden in een 20x40 rijbaan. In de Z1 en de Z2 is dit aantal 340 punten, in 34 handelingen. Hier moet je dus 204 punten hebben om een winstpunt te rijden.

Bij de NVVR heb je geen rijbaan nodig. In tegendeel: de NVVR wp worden behaald in de natuur, in de wei, in het dorp, onder een snelwegviaduct of zelfs... in de keuken! Ja heus. Winstpunten worden immers verkregen door combinaties en er staat nergens dat ze op het moment van behalen sámen moeten zijn. Dussss... Meehelpen met de afwas tijdens een NVVR weekend levert winstpunten op, ook als je paard op dat moment staat te schransen in de wei. Leuk he!

Roos, Huberdien, Edith en Karin tellen de NVVR winstpunten bij hun paarden. Hoe is het met jullie paarden? Laat het de redactie weten! Stuur je lijstje met een foto van jou en je paard naar [email protected] en wij jureren
jullie protocollen en bij voldoende punten krijg je een gratis publicatie in VrijRuiter!

Chelsea, Ierse pony, 8 jaar

Chelsea ging voor het eerst mee op een NVVR-rit, samen met bijrijdster Zaza, ervaren vriendinnen Gipsy (met Annabel), Indra (met Yentl) en Bibi en ik. Chel is eigenlijk van de 11-jarige Sterre, maar Zaza helpt mee om de pony wat ervaring te laten opdoen. De rit ging door een gebied waar Chel nog nooit geweest was, naar het huis van Louke, waar ze enige tijd in de tuin mochten pauzeren. “Pauzeren op vreemd terrein” is nieuw voor haar. Ze keek haar ogen uit en verdiende onderweg de nodige winstpunten.

  • Zelfstandig wegstappen op het erf, zonder te wachten tot de anderen voor gingen: 1 NVVR-wp
  • Een stuk voorop rijden in het duin en daarbij een rustig tempo aanhouden: 1 NVVR-wp
  • De anderen volgen door twee smalle doorgangen de tuin in: 2 NVVR-wp
  • Grazen in de tuin: geen NVVR-wp, gewoon een fijne beloning. 
  • Je na een beetje paniek over in de verte töltende IJslanders laten kalmeren en verder eten, in plaats van rondjes rennen: 2 NVVR-wp
  • Op de terugweg rustig blijven in druk verkeer: 2 NVVR-wp

Bij elkaar 8 winstpunten en een hele ervaring rijker!

Edith Louw

Bambou, 4-jarige Rocky Mountainhorse - maar liefst 30 winstpunten!

IMG_2097


Bambou en Karin - eerste viaduct ooit

  • Overwinning thuis weg gaan met een vreemd paard mee (terwijl je vástbesloten bent dat je dat NIET gaat doen omdat je een gruwhekel aan het dier hebt). 2 NVVR winstpunten.
  • Netjes naast een mens wandelen zonder trekken en duwen - 1 NVVR wp.
  • 2 km van huis langs een speeltuin met vliegende boten en draaimolens en gillende kinderen over een fietspad wat nieuw werd aangelegd, werkbusjes, werkmensen, trilplaten, een enorme shovel die over de weg langs reed, de lijnbus, tussen stapels stenen door etc. - 2 NVVR wp. - Viaduct onder de N34 door - 2 NVVR wp.
  • Stapels boomstammen die wachten op transport loopt ze zonder te kijken gewoon langs - 1 NVVR wp.
  • Grazen op een stuk gras onderweg terwijl mens er naast op de grond zit. 1 NVVR wp.
  • Een landweggetje met een grote geparkeerde tractor. - 1 NVVR wp.
  • Die door een onnadenkende boer wordt gestart als ze er net naast loopt. Vertrekt geen spier - 2 NVVR wp.
  • Trekker keert om en komt ons achterop. Geen probleem. - 1 NVVR wp.
  • Vrachtwagen. Van achteren op een smalle landweg. - 1 NVVR wp.
  • Fietsers tegemoet, achterop, beiden tegelijk, banden door knisperend dood blad - 1 NVVR wp.
  • Paarden die op ons af komen rennen in een weiland langs de weg - 1 NVVR wp.
  • Galopperende paarden in een wei achter de bosjes naast de weg en intussen mij laten opstijgen met ‘een beentje geven’ (eerste keer). Okee, geen handig moment maar ze vertrok geen spier! - 1 NVVR wp.
  • Met 9 vreemde paarden in een wei. - 1 NVVR wp.
  • Gewoon lief naar je mens toe komen bij het hek - 1 NVVR wp.
  • Naar me toe komen en lief laten halsteren in de wei - 1 NVVR wp.
  • Wildhekken door en de andere paarden er door laten - 1 NVVR wp.
  • Naast een stapel boomstammen staan om mens op haar rug te laten klimmen - 1 NVVR wp.
  • Staan in een stand op een pauzeplek - 1 NVVR wp.
  • Aángebonden en totaal ontspannen staan in een stand op een pauze plek - 1 NVVR wp.
  • Opstijgen vanaf een zwerfkei naast auto’s en parasollen en vlaggenmasten etc. - 2 NVVR wp.
  • Door moeras lopen over stammen en stronken aan de hand en je netjes en zeer kalm laten leiden - 2 NVVR wp.
  • uit de slang drinken - 1 NVVR wp.
  • Trailer in lopen (eerste keer trailerladen) sneller dan het ervaren paard wat er naast moest komen, kalm blijven staan ook als de bovenklep per ongeluk naar beneden klapt, klep dicht en naar huis laten rijden- 2 NVVR winstpunten.

Als dát geen veelbelovend NVVR-paard wordt!

 

WinstpuntenRoos en Dabria

Roos Yvonne Bijleveld en haar Dabria

Dabria, KWPN - 15 NVVR-winstpunten

  •  Thuis niet fijn vinden om alleen uit de kudde te worden gehaald maar toch in 10 sec. laden: 2 NVVR wp.
  • Doodbraaf de hele rit naast een vreemd paard staan: 1 punt
  • In de wei wel het hele weekeind ietwat zinloos hard-to-get spelen en bijzonder duidelijk zijn naar ieder paard dat ‘r niet zint maar niemand naar het leven staan en keurig aan de regels van het paardenspel houden en nergens en niemand echt DOORschoppen: 2 punten
  • helemaal alleen samen op pad: 10 punten, waarvan 3x af moeten stappen wegens volstrekt onmogelijk gedrag: 6 strafpunten, blijven er 4 winstpunten over
  • steeds dikkere vriendjes worden met ZoNou, de andere anti-held van 1.81m: 1 punt
  • derde dag buitenrit: 2 strafpunten voor onmogelijk gedrag tijdens de afdaling, 1 strafpunt voor overig onmogelijk gedrag bij picknickbanken en mestreservoirs, en 5 winstpunten voor het uiteindelijk opgeven en doorlopen, rivier oversteken, onberispelijk gedrag bij pauzeplek en bij groot verkeer op straat, blijft plus twee over.
  • vierde dag wandeling samen zonder de anderen: 1 punt
  • probleemloos laden en probleemloos samen met Polleke in de hitte over de heuvelweggetjes en heel veel snelweg weer naar huis, en de trailer niet afbreken toen Polleke als eerste thuis was en zij nog een stukje verder moest: 2 punten.

Sam en Huberdien

Sam, Haflinger, 6 jaar, nog onbereden - 5 winstpunten!

Sam heeft zaterdag voor het eerst met een heel groepje gewandeld (drie andere paarden waarvan hij er één kende en degeven die hij kende werd bereden) en hij was superbraaf, fietsers, auto’s, en tegelijkertijd 2 paarden in een wei die gezellig gingen rennen, kudde schapen die dachten dat ik ze kwam voeren ( dat denken schapen nl altijd als ik langs kom lopen ). Hij heeft gewoon heerlijk aan een los lijntje met me meegelopen, netjes afstand houdend naar de Shet die voor ons liep! Voor mij zeker 5 winstpunten!

(Sam is onlangs zeer plotseling overleden, we wensen Huberdien heel veel sterkte met het verwerken van dit verlies, red.)

 

 

 

Ruwvoer, natuurlijk

De meeste paardenmensen weten wel, dat ruwvoer van levensbelang is voor hun paard. Veel ruwvoer, weinig krachtvoer, veel kauwen houdt een paard gezond. Maar er valt nog veel meer te ontdekken als het over ruwvoer gaat!   Tekst: Karin Schouwenburg, mmv Heleen Davies.

Als we naar wilde paarden kijken, zien we dat hun natuurlijke leefomgeving bestaat uit grote grasvlaktes (steppe). Geen groene weides zoals wij die kennen, maar harde, stengelige grassen die rijk zijn aan cellulose en arm aan zetmeel en suikers. Wilde paarden zijn wel 14 uur per dag bezig met eten. Ze eten verschillende soorten grassen, planten, takjes en mossen afkomstig van een groot gebied. Hierdoor is de kans klein dat hun dieet te veel suiker bevat of een tekort aan mineralen. In het voorjaar is het voedsel in het wild het rijkst. Dat komt goed uit, want dit is de tijd dat paarden de meeste energie gebruiken; de tijd van de nieuwe veulens en de paringstijd.

20131118_091229

Beetje overkill voor een emmertje slobber.

Tijdens de evolutie heeft het paard zich aangepast om te overleven op een arm dieet van moeilijk te verteren vezels, zonder te herkauwen, zoals veel andere grazers. Het paard ontwikkelde een extra sterk gebit en speciale samenwerking met bacteriën die het mogelijk maakten de voedingsstoffen en mineralen uit cellulose op te nemen. Cellulose is een belangrijke bouwstof van de celwand van planten; het geeft structuur en stevigheid. Hout, takken en bladeren bestaan voor 70 tot 80 procent uit cellulose.

De vertering van cellulose levert genoeg energie en bouwstoffen voor bijna alle paarden. De vezels worden afgebroken (gefermenteerd) in het achterste deel van het darmstelsel. Dit is de natuurlijke “kachel” van het paard: het houdt paarden warm van binnenuit. Een groot deel van de dag zal een paard bezig zijn met het kauwen op ruwvoer en in dit proces maakt hij vele liters speeksel aan. Ruwvoer is daarom het meest geschikte dieet voor paarden. Het verlaagt het risico op hoefbevangenheid, koliek en maagzweren, de grootste problemen en voortijdige doodsoorzaken van het paard. Daarnaast verhoogt het de weerstand en vermindert het gedragsproblemen (verveling, spanning) en huidproblemen (zomereczeem).

Een gezond paard op gezond gewicht heeft ca. 1,8 – 2% van zijn lichaamsgewicht aan ruwvoer nodig per etmaal. Een paard heeft een gezond gewicht als je de ribben goed kunt voelen of lichtjes kunt zien (bij een dunne vacht). Is je paard te dik, dan kun je hem langzaam maar gestaag op een gezond gewicht krijgen door 1,8 % zijn streefgewicht per dag te voeren. Zo zal het paard op een gezonde manier op een goed gewicht komen. Dit percentage is het totale ruwvoer, dat wil zeggen inclusief wat ze tijdens weidegang binnenkrijgen. Voor een paard dat 500 kilo zou moeten wegen is dat dus zo’n 9 kilo.

ruwvoer

Vrije toegang tot ruwvoer is belangrijk. Voor sommige paarden is echter vrije toegang icm beperkende inname een goede optie om te dik worden (en bijkomende problemen) te voorkomen.

Neem eens een personenweegschaal mee en weeg dat eens af, dan weet je hoeveel dat ongeveer is.
In tegenstelling tot ruwvoer, bevatten granen (het hoofdbestanddeel van krachtvoer) weinig cellulose, maar juist veel oplosbare koolhydraten zoals suikers en zetmeel. Voor ons is dat prima, aangezien wij de bacterieën die nodig zijn om cellulose te verteren, niet hebben. Wij kunnen, simpel gezegd, geen takken eten. Paarden hebben deze bacteriën wel. Suikers en zetmeel uit krachtvoer hebben op onze paarden echter geen positief effect. Het probleem is namelijk dat de koolhydraten/suikers in granen/musli de goede bacteriën in de dikke en blinde darm, die nodig zijn om cellulose af te breken, doden. Een goed dieet voor paarden bevat daarom minder dan 10 à 12% van deze snel oplosbare koolhydraten. Er zijn voorbeelden van magere paarden die niet aankwamen op 8 kilo biks en graan, maar prima op gewicht kwamen en bleven op alléén ruwvoer. Er zijn zelfs endurancepaarden die uitsluitend op een hooi en gras dieet prima hun werk doen.

Je kunt je afvragen of een paard aan alleen ruwvoer genoeg heeft. Krijgt hij dan wel voldoende voedingsstoffen, mineralen, vitaminen binnen? Dat hangt sterk af van de kwaliteit van het ruwvoer. Niet elk ruwvoer is hetzelfde. Goed ruwvoer voor paarden is stengelig en grof. Hoe meer structuur, hoe meer cellulose, hoe beter. Dit voer bevat maximaal zo’n 10-12% suikers. Maar… je kunt de kwaliteit van ruwvoer nooit op het blote oog beoordelen. Je zult het moeten laten testen om te weten wat er in zit en of het geschikt is als paardenvoer. Op basis van de gegevens van een ruwvoer-analyse kun je dan de ontbrekende mineralen (laten) berekenen en een 100% aansluitend supplement samen laten stellen (Biomentor) of zelf samenstellen.

20140522hooi

Goed gras is grof, vezelrijk en soortenrijk. Van dit gras is het goed hooi maken. (foto: justkarin.nl)

Gras is de meest natuurlijke vorm van ruwvoer. De meeste weilanden waarop paarden gehouden worden zijn echter meer geschikt voor melk- en vleesproductie van koeien. Koeien hebben een heel andere spijsvertering dan paarden en zijn gebaat bij hoge suiker- en eiwitgehaltes. Daarop zijn onze productiegrassen gemaakt. Weidegras kan voor paarden een alarmerend hoog gehalte aan suikers en eiwitten bevatten, hetgeen hun darmbalans en -bacteriën ernstig kan verstoren. Onbeperkt grazen in dit soort weilanden maakt veel paarden te dik, en verhoo
gt de kans op insuline intolerantie en hoefbevangenheid. Ook huidproblemen worden hieraan toegeschreven.

Paardeneigenaren proberen hun paarden op gewicht te houden door het gras zeer kort te laten afgrazen en de afmetingen van de weilanden te verkleinen. Helaas krijgen ze op deze manier juist een hoger percentage suiker binnen omdat kort en gestrest gras meer suiker (fructaan) bevat. Korter weiden op langer uitgegroeid gras is dan een betere oplossing. De grasinname kan ook vertraagd worden door een graaskorf. Zo kan de graastijd aanzienlijk worden verlengd, wat de beweging en het welbevinden van het paard ten goede komt.

Een goede paardenweide bestaat uit structuurrijke grassen die van nature een lagere fructaangevoeligheid hebben zoals Timotee, Veldbeemd, Roodzwenk en Beemdlang en bevat geen of < 10% Raaigras.

Licht bemesten (bij voorkeur traag werkende natuurlijke meststof en kalk) verdient de voorkeur boven drijfmest en/of niet bemesten. Gebruik van drijfmest zorgt ervoor dat de voedingsstoffen in piekvorm vrijkomen, vooral stikstof en kali. Dat geeft een snelle groei aan het gras en piek aan suiker en eiwitgehalte en daarom is drijfmest voor paardenweides niet geschikt.

In een volgend deel komen we hierop terug, met name ook met oog op de hooiwinning.

Hooi en kuilgras zijn de meest bekende en gebruikte droge vormen van ruwvoer. Het grote probleem met ruwvoer is dat je niet weet wat er in zit:

  • Je weet niet wat er te weinig in zit
  • Je weet niet wat er teveel in zit
  • Je weet niet in welke verhouding

Het laten uitvoeren van een mineralen analyse van je hooi/kuil is van essentieel belang. Op basis van de gegevens van de analyse kun je de ontbrekende mineralen (laten) berekenen en een 100% aansluitend supplement bijvoeren. Het belang van zo’n analyse is om er achter te komen of het hooi überhaupt wel geschikt is als paardenvoer. Met een beetje pech voer je de hele winter snoepgoed aan je paard. Je zult de kwaliteit van de hoeven achteruit zien gaan, en je hebt geen idee hoe dit komt. Als je dan je ruwvoer test en je komt er achter dat het 25% suiker bevat kun je je zelf wel voor de kop slaan!

 

geweekteBietenpulp

Geweekt bietenpulp. Bietenpulp moet altijd geweekt in water gegeven worden om verstopping te voorkomen.

Bietenpulp is ook zeer vezelrijke voeding die zeer geschikt is voor paarden. Bij de suikerbereiding wordt suiker gewonnen uit suikerbieten. Wat overblijft is de suikerarme pulp, die wordt gedroogd en verwerkt tot brokjes (pellets, bixjes) of vlokken. Het is een hoogwaardig ruwvoer dat de darmgezondheid ondersteunt. De vezels in bietenpulp zijn goed verteerbaar voor paarden en hebben een prebiotische werking, erg goed dus voor de darmbacteriën. Let wel op met voeren: je mag bietenpulp NOOIT droog voeren, dan kan het slokdarmverstoppingen of koliek tot gevolg hebben. Het moet liefst minimaal 4-6 uur geweekt worden in ruim water (bij gebruik van heet water is een uur genoeg) en neemt dan makkelijk vier tot vijf keer in volume toe. Twee handen pulpbrokjes worden zo een kwart emmer geweekte pulp, maar de helft is ook genoeg en zo heb je aan een flinke handvol genoeg.

 

Bietenpulp kan veilig gevoerd worden aan paarden met neiging tot hoefbevangenheid, te dikke paarden en paarden met insulineresistentie en wordt daarvoor zelfs zeer aanbevolen. Het werkt ook uitstekend als ‘mineralendrager’, dat wil zeggen ideaal om de mineralenaanvulling met (geweekte!) bietenpulp te voeren. Soms moeten paarden er even aan wennen, maar dan is zelfs de ergste kieskeur er gek op. Bietenpulp is rijk aan calcium, dus dat hoeft dan in mindere mate toegevoegd te worden aan de mineralenaanvulling.

Er zijn verschillende soorten in de handel, waarbij het suikergehalte varieert van 5-12%, Onnnodig te zeggen dat hoe lager hoe beter.

Pavo heeft vanaf begin november snel wekende bietenpulp vlokken in hun assortiment: Pavo SpeediBeet, met maar 5% suiker, zonder zetmeel en klaar in 10 minuten.

Stro wordt ook vaak gezien als bijvoer. Het wordt nog wel gebruikt voor paarden die snel te dik worden. Het hooi wordt dan voor een deel gemengd met stro, zodat er meer ruwvezel aan het dieet wordt toegevoegd en de inname wordt vertraagd. Ik heb zelf altijd erg sobere paarden gehad en het heeft mij nooit geholpen. Het leek wel of ze er nog dikker van werden. Dat klopt, want het gehalte aan zetmeel (=koolhydraten) in stro is vele malen hoger dan in goed gewonnen hooi of kuil.

 

De hoeveelheid mineralen en vitamines in hooi en gras wordt beïnvloed door vele factoren: De bodem, het weer, de bemesting, de plantensoorten… Sommige mineralen kunnen te beperkt in het ruwvoer aanwezig zijn, anderen juist te veel, of de verhouding tussen de verschillende stoffen is niet in evenwicht. Een standaard supplement bijvoeren is minder zinvol omdat dit niet afgestemd is op de unieke samenstelling van het hooi of gras dat je paard eet. Een standaard supplement geeft ook al snel een overschot aan bepaalde stoffen zoals ijzer, wat nodig is maar een overdosis is erg ongezond.

NSCgoedSlecht

 

Calcium, fosfor en magnesium in de juiste verhouding is belangrijk voor de gezondheid van het paard en normale ontwikkeling van de hoeven. Calcium is belangrijk voor de witte lijn verbinding. Een tekort aan magnesium kan een rol spelen bij hoefbevangenheid. Voor de hoef zijn vooral zink, koper en selenium van groot belang. Een tekort aan zink kan langzame groei en dunne, zwakke hoefwanden veroorzaken. Een tekort aan koper kan een rol spelen bij het ontstaan van rotstraal, barsten, abcessen en hoefbevangenheid.

Volgende keer meer over mineralen en vitamines, verhoudingen en gehaltes, weidebeheer en hooiwinning.

 

Info:
Bodemverbeteraar Bio-Ron
Agriton.nl

Een stoomcursus hooi stomen: een blijer paard

MoeiteP1100829 om kwalitatief goed hooi te vinden voor je paard? Of verdraagt je paard geen kuilgras, maar het hooi dat je kunt voeren is stoffig? Je paard heeft een allergie voor schimmelsporen of mijten in hooi of stro? Misschien is een hooistomer dan iets om over na te denken. De beloftes van de verschillende fabrikanten zijn veelbelovend, dus ging ik op onderzoek uit!   Tekst: Siem Lehrman, foto’s: Maarten Kuilman

Als je opeens geconfronteerd wordt met een paard dat in zware ademnood verkeert door een voermijtenallergie, dan heb je er als liefhebbende eigenaar veel voor over om het paard weer wat ‘lucht’ te geven. Het overkwam mij. Een goede reden om vele uren zoekend en klikkend het internet af te struinen naar mogelijkheden. Via een NVVR-lid werd ik attent gemaakt op een apparaat dat het hooi stoomt in plaats van dat je het weekt. Dat klonk interessant en al gauw vond ik het bewuste apparaat tijdens mijn surftocht op Google.

De voordelen van het stomen van hooi ten opzichte van het natmaken of weken van hooi zijn groot. Als eerste de voordelen voor ons als paardeneigenaren.

Groot voordeel is natuurlijk het gemak. Op ijskoude winterdagen hoef je niet met water en zware hooinetten te zeulen, wat heel wat rugpijn en bevroren vingers kan schelen! Je waterrekening, of die van je pensionhouder die je natuurlijk liever te vriend houdt, blijft ook binnen de grenzen van 'normaal'. Daarbij is het stomen ook nog een overweging ten gunste van het milieu. Een van de fabrikanten heeft dit laten onderzoeken. De belasting van het inweekwater op het milieu is wel tot zes maal groter dan de belasting van het beetje water dat de hooistomer nodig heeft.
Het voordeel zit niet alleen in de hoeveelheid water die je nodig hebt, maar vooral in datgene wat je uit het hooi weekt. Denk daarbij aan de voedingsstoffen in het hooi, zoals vitaminen en mineralen. Bij het stomen van hooi blijven deze voedingsstoffen in veel hogere concentraties in het hooi aanwezig; ze worden er niet uit geweekt of gespoeld. Ook hiernaar is onderzoek gedaan en de resultaten zijn verrassend. Deze resultaten zijn op de website van Happy Horse Products na te lezen. Onder het tabblad “Mycotoxins” kun je een PDF-bestand downloaden waarin je dit kunt terugvinden, samen met andere onderzoeksresultaten.

P1100855Het voordeel voor de paarden? Ze krijgen een bergje heerlijk geurend, warm gestoomd hooi voor hun neus! D
at is toch beter dan het natte, lekkende ‘kledder’ hooi. Men zegt dat veel paarden het gestoomde hooi veel liever eten dan het ‘verzopen’ hooi. Mijn (vr)eetgrage Haflinger eet eigenlijk alles wel, maar voor een kieskeuriger paard is het misschien wel een oplossing.

In het gestoomde hooi zijn meer voedingsstoffen overgebleven en de schaelijke schimmelsporen en mijten zijn eruit gestoomd. Klinkt ideaal. Of toch niet?

Hoeveel ‘ellende voor paardenlongen’ zit er eigenlijk in hooi waardoor we het zo nodig willen weken of stomen? Dat heeft een andere fabrikant mooi onderzocht. De concentratie van schimmelsporen voor het stomen was bij een partij hooi uit 2009 260.000 cfu/g.
Na het stomen was de concentratie minder dan 10!

Er werd ook hooi geweekt: een partij hooi uit 2008 bevatte 580.000 cfu/g. Het werd vijftien minuten geweekt in koud water en vervolgens onderzocht. Er bleken nog 220.000 cfu/g aan schimmelsporen aanwezig te zijn!

Hoe werkt het stomen? Globaal werken alle modellen hetzelfde. Het hooi gaat in plakken of in een hooinet in een stoomcabine. Er wordt een stoomgenerator op aangesloten en de stoom wordt in de stoomcabine geleid. Belangrijk is dat de stoom op alle plekken in de stoomcabine komt. Daarom hebben sommige fabrikanten een systeem met pinnen waar de stoom doorheen geblazen wordt, zo komen ze dus ook middenin een plak hooi. Andere producten schijnen het zonder deze gepatenteerde pinnen te kunnen.
Het hooi moet, afhankelijk van de hoeveelheid, een poosje stomen. Gemiddeld duurt dat dertig tot zestig minuten. De hoeveelheid water die hierbij nodig is, verschilt natuurlijk ook: van tweeënhalve liter voor een halve baal tot zes liter voor een hele baal hooi. Dat is beduidend minder dan een badkuip vol weekwater! Na het stomen kun je het hooi direct voeren.

De temperatuur die gemiddeld bereikt wordt is honderd tot honderdtien graden. Klaarblijkelijk hoog genoeg om de schimmelsporen en mijten te doden.
Wil je geen dertig tot zestig minuten ernaast gaan staan wortel schieten omdat je 's ochtends haast hebt? Dan kun je een tijdschakelaar tussen de generator en het stopcontact zetten en deze zo inschakelen dat het gestoomde hooi klaar ligt als je de stal inkomt!

Handige paardenbezitters kunnen ook zelf een stoomapparaat bouwen. Er zijn handleidingen te downloaden of te vinden op fora. De mogelijkheden variëren van het stomen in een zak die je dichtbindt, via het stomen in een soort kunststof gereedschapskist tot het stomen in een afvalcontainer (Kliko). De methodes die hierbij gebruikt worden, verschillen ook. Sommigen gebruiken twee liter gekookt water en gooien dit over een hooinet en laten het een tijdje staan, anderen sluiten een behangstomer aan om te kunnen stomen in een Kliko. Een volgende maakt eerst het hooi een beetje nat met de gieter en stoomt het daarna nog een half uurtje in een stoomcabine.

Het zelf bouwen leek mijzelf in eerste instantie een super oplossing. Helemaal nadat ik de prijzen gezien had. De ervaringen van de verschillende stomende paardeneigenaren zijn over het algemeen goed, aldus de fora, maar mijn motto is ‘altijd kritisch blijven’!

Wat komen er voor dampen vrij als een zak of een gereedschapskist door de stoom verhit worden? Wat doet
de hete stoom met het kunststof? Is dat daar wel tegen bestand? En hoe krachtig is zo'n eigen (behang)stoommachientje? Hoe maak je zo'n apparaat zo veilig dat je het ook daadwerkelijk in de buurt van je paarden 'alleen' kunt laten stomen? Zijn de resultaten na het stomen werkelijk hetzelfde als bij een echte hooistomer? Of blijft de middelste pluk hooi ongestoomd en daarmee dus nog stoffig? Hoe overtuig ik de pensionhouder dat mijn zelfbouwstomer echt veilig is? Ik had er zo mijn twijfels over en de staleigenaar ook.

Het goede effect dat de hooistomerfabrikanten beloven zit vooral in de mogelijkheid dat de stoom circuleert, gelijkmatig door het hooi verdeeld wordt en de temperatuur in de stoomcabine wel oploopt tot honderd tot honderdtien graden. Ingebouwde thermometers, veiligheidsmaatregelen en andere kleine handigheidjes deden mij uiteindelijk beslissen een officiële hooistomer te kopen. Ook de staleigenaar kon zich in dit apparaat vinden, dus kon het stomen van start gaan!

P1100857Wat voor hooistomer je koopt, is afhankelijk van je situatie. Wil je portie voor portie stomen voor een paard, dan zou je een stoomapparaat van het formaat 'mee op reis' kunnen kiezen. Deze is er van verschillende merken. Basaal is het een speciale hooizak met een sterke stoomgenerator. Dit is wel iets voor mensen zonder stroomaansluiting op stal, omdat je geen stopcontact nodig hebt. Ook handig: thuis vast je hooi stomen en dan meenemen naar je paard, zonder dat je auto vol hooi ligt...
Heb je een paar paarden, dan kies je voor een groter model. Hier wordt de keuze ruimer. Verschillende merken, verschillende voor- en nadelen. Ikzelf heb uit deze categorie gekozen, omdat mijn paard samen staat met een niet allergisch paard die noodgedwongen ook gestoomd hooi moet eten. In dit formaat stomer kan een halve tot driekwart baal hooi gestoomd worden. Het hooi dat niet direct gevoerd wordt, bewaren we in de stoomcabine tot de volgende voerbeurt. Daarna wordt de hooistomer weer gevuld met hooi, de tijdschakelaar aangezet en het water bijgevuld. Het gestoomde hooi staat dan geurend en wel te wachten als er weer gevoerd moet worden.

Heb je drie of meer paarden voor wie je het hooi wil stomen, dan ga je voor het ‘grote werk’ model. Daarin past een hele baai hooi of dezelfde hoeveelheid in hooinetten. Hier is de tijd dat het apparaat staat te stomen natuurlijk ook langer en gebruik je iets meer water.

Aandachtspuntje: sommige fabrikanten gebruiken stoomgeneratoren die wel tot twintig minuten moeten voorverwarmen. Dit is dus per keer dat je hooi stoomt twintig minuten stroomverbruik extra! Kijk dus goed welke generator erbij zit. De nieuwste genereren binnen drie minuten stoom en dat scheelt dus aanzienlijk in stroomverbruik per dag!

En daarmee komen we op de nadelen van hooi stomen. De aanschafprijs van een stoomapparaat is pittig. Gelukkig zijn er inmiddels meerdere fabrikanten die zoiets maken, dus de prijzen zijn wel wat aan het zakken. In de middencategorie (waaruit ik dus gekozen heb) begint het bij 650 euro, oplopend tot 1166 euro! De grotere hooistomers beginnen bij 1199 tot 1950 euro bij de concurrent. Voor de ‘op reis’ modellen (voor een portie hooi in een speciale zak) begint het bij 235 euro.

Een ander nadeel is natuurlijk de extra kosten die je hebt voor stroom. Een pensionhouder zit daar niet op te wachten, maar misschien is er wel iets mogelijk als je de extra kosten daarvoor zelf betaalt. Wij hebben het zo opgelost: op mijn stroomgenerator hebben we een apparaatje gemonteerd dat precies meet hoeveel stroom er gebruikt wordt. Per maand betaal ik ongeveer wat ik gebruik en eind van het jaar verrekenen we het precies. Vooralsnog stoom ik voor twee paarden hooi en dat kost me ongeveer zo'n 17,50 euro aan stroom per maand.

Natuurlijk is ook stomen extra werk, maar wel een minder zwaar en minder koud klusje dan het weken van hooi. Verder kun je als het vriest de stomer niet over de tijdschakelaar laten lopen, maar moet de generator (inclusief slang) vorstvrij bewaard worden. Bij vorst moet je dus toch een beetje wortel schieten naast je hooistomer of intussen je stal uitmesten om warm te blijven....De generator moet ook niet droog komen te staan, dus altijd opletten dat er voldoende water in zit om de stoomtijd uit te dienen. Als de stomer te vaak droog komt te staan, gaat hij uiteindelijk kapot. Daarom is zo'n tijdschakelaar een goede, kleine extra investering.


Het maken van mijn keuze was niet eenvoudig
, maar zo'n apparaat koop je niet over een nacht ijs. Gelukkig stuitte ik nog net op een aanbieding en daardoor heb ik me de Stablemate kunnen veroorloven in plaats van het aller-goedkoopste model. Hierin past een behoorlijke hoeveelheid hooi en de stoomtijd is niet al te lang; hoewel dit ook afhangt van de kwaliteit van het hooi. Wij hebben best goed hooi, dus kan het stomen relatief kort gehouden worden. Een goede stoomgenerator, die nauwelijks opwarmtijd nodig heeft, spaart me maandelijks heel wat stroomkosten, dus dat was ook een belangrijke overweging voor mij.

En hoe bevalt het stomen nou? De Stablemate heb ik intussen vijf weken in gebruik. De resultaten zijn verbluffend! Mijn paard kreeg voorheen dus natgemaakt hooi (niet geweekt maar ondergedompeld in een ton water, meer kon de vorige pensionstal niet bieden). Ten eerste valt op hoe heerlijk het vers gestoomde hooi ruikt. Dit bevalt mijn paard blijkbaar ook, want hij valt echt aan op het vers gestoomde hooi. Als het gestoomde hooi bewaard gelegen heeft in de stoomcabine, dan is dit 'erop aanvallen' duidelijk minder. Ik stoom het hooi nu dus per voerbeurt.

Hoe lang ik daadwerkelijk het hooi moet stomen, is afhankelijk van meerdere factoren. In het begin propte ik overenthousiast elf tot twaalf kilogram hooi, verdeeld over drie hooinetten, in de stomer. Ik moest dan wel een uur stomen en een hooinet bleef dan liggen tot de volgende voerbeurt. Daar ben ik dus vanaf gestapt. Ik stoom nu acht kilogram (twee hooinetten) per keer dat is in veertig minuten uitstekend gestoomd. Ik laat het via de tijdschakelaar lopen en hoef er dus verder niet veel aan te doen. We hadden ook een stoffigere baal ertussen zitten en toen heb ik de stoomtijd iets verlengd.

Klein nadeel: doordat we in een gebied zitten met ontzettend veel kalk in het water, moet ik elke week de stoomgenerator ontkalken. Ook de stoomcabine moet je om de dag even leeg gooien (restwater) en kort uitspuiten om de hooiresten te verwijderen.

Het gemak is groot: de Stablemate is echt makkelijk te verrijden en alle aansluitingen zijn ook goed doordacht en stevig, daardoor gaat ook het schoonmaken heel eenvoudig. De beloofde twaalf kilogram in vijfendertig minuten stomen is wel heel optimistisch, in hooinetten lukt dat niet (misschien met plakken hooi wel, dat heb ik niet uitgeprobeerd). Daar tegenover staat het resultaat... dat is echt fantastisch, dus ik neem die langere stoomtijd graag voor lief!

Mijn paard krijgt nu bij elke voerbeurt heerlijk vers gestoomd hooi en hij smult er van. Zijn ademhaling is verbluffend veranderd. De eerste tien dagen merkte ik eigenlijk niets aan hem. Daarna veranderde hij en stond opeens met een enorme levendige blik bij me. Zijn ademhalingsfrequentie was nu twaalf keer per minuut in plaats van de twintig tot tweeëntwintig  keer of meer per minuut van de laatste anderhalf jaar.

Als hij had kunnen schreeuwen had hij het gedaan: "Laten we wat gaan doen!!!", leek hij te roepen. De laatste anderhalf jaar kon hij ongeveer twee tot drie rondjes door de bak galopperen en daarna liet hij dan voluit pompend zijn hoofd hangen en snakte naar adem. Hij moest dan twintig minuten stappen om bij te komen. Dit om te schetsen hoe het was. Ik ben die bewuste dag dat hij er opeens zo goed bij stond, gaan rijden en viel zowat van mijn paard... van verbazing wel te verstaan! Bij elk graspaadje deed hij een galopvoorstel. Ik ben uiteindelijk maar op zijn voorstellen ingegaan en boven aan de berg geen centje pijn! Geen pompen, gewoon normaal buiten adem en binnen niet al te lange tijd weer op adem! Ik dacht nog aan toeval... “Goh, wat een goede dag heeft hij vandaag..!”.

14-5-11 002

De volgende dag, dagen en weken bleven echter zo positief. Van een timide, kortademige pony is hij weer helemaal zijn levendige en energieke zelf. Hij wil alleen nog maar galopperen (en bokken...) alsof hij anderhalf jaar niet kunnen galopperen wil inhalen. Ik kan het nog steeds nauwelijks geloven, maar het geld dat ik in de hooistomer geïnvesteerd heb, is het wat mij (en mijn weer blije, levendige paard) betreft dubbel en dwars waard!

De veearts, die ik na drie weken hooi stomen heb laten komen, bevestigde mijn bevindingen. Zijn longen (en vooral ook bronchiën) klonken, naar omstandigheden, heel erg goed. De opdracht om hem vooral weer aan het werk te zetten, na anderhalf jaar noodgedwongen rustig aan doen, klonk ons als combinatie als muziek in de oren! Ik laat hem gewoon maar lekker galopperen en hem daarmee zijn stoom afblazen!

Bronnen:
www.happyhorseproducts.co.uk
www.haygain.com
www.yellowsteamer.de

Het geheim van een goede potstal 

Een box als potstal

Een box als potstal

Wanneer je paard of pony de beschikking heeft over een stal, hetzij een box, hetzij een inloopstal, is het prettig als die schoon en droog is. Het meest voor de hand liggende is dus, zou je denken, om elke dag de mest en al het vuile, natte stro eruit te halen en weer nieuw stro op te strooien. Op die manier heb je elke dag een schone stal, van de eerste tot de laatste staldag van het jaar. 

Een andere manier is de potstal, een stal die weinig of niet wordt uitgemest, maar wel elke dag opgestrooid wordt. Zo ontstaat al snel een dikke laag, de potlaag. Voor wie dit nog nooit gedaan heeft, kan het onhygiënisch klinken: dan slaapt je paard dus op een berg stro, mest en urine?? In de praktijk valt het mee. Een goede potstal stinkt niet, omdat het vocht geconcentreerd in de onderste lagen zit. Bij goed onderhoud is het net zo schoon en droog als een stal die elke dag wordt leeggehaald.

Even de voordelen op een rijtje:

  • Het is veel minder werk, je haalt alleen de drollen eruit of zelfs dat niet, opstrooien is zo gebeurd.
  • Je paard heeft een dikke, zachte laag om op te liggen, het isoleert goed in de winter. Dit is voor elk paard prettig, maar vooral oudere paarden (artrose), magere paarden en paarden die graag in de stal liggen is dat fijn. Ze liggen dan niet op het beton.
  • Je verbruikt aanmerkelijk minder stro
  • De potlaag fermenteert behoorlijk, waardoor je deze goed als compost kunt gebruiken als je de stal leeghaalt.
  • Potten is uitermate geschikt voor open loopstallen/schuilstallen. Het geeft de buitenpaarden een warme ligplek en dat het wat de hoogte in gaat geeft dan minder, tenzij het dak natuurlijk erg laag is. Het kan zelfs heel gunstig uitpakken als het langdurig nat is; een hogere plaats blijft natuurlijk langer droog.

Nadelen zijn er natuurlijk ook:

  • Een potstal in een box is niet voor ieder paard geschikt. Paarden die veel rondjes lopen, schrapen, veel plassen of wiens box wat aan de kleine kant is, lopen zoveel stro nat dat het opbouwen van een goede laag niet lukt. Ook als paarden erg veel uren per dag binnen staan is het moeilijker. Je moet dan wel erg veel schoon stro toevoegen en je laag groeit dan wel erg hard. Maar het is natuurlijk sowieso niet de bedoeling dat je paard 24/7 binnen staat.
  • Het is weliswaar dagelijks weinig werk, maar om je de potstal aan het einde van de winter leeg te halen, moet je wel een paar uurtjes uittrekken.
    Heb je een potstal in een open loopstal dan kun je die gemakkelijk mechanisch leeghalen, wat natuurlijk veel minder zwaar werk is. (trekker met voorlader, kraan met grijper, shovel, bobcat).
  • Je paard komt gaandeweg steeds hoger te staan, en de boxdeur wordt dus steeds lager. In het geval van een langbenig paard en een lage deur kan dat betekenen dat hij op een zeker moment in de verleiding kan komen om over de deur te stappen.
  • Een potlaag die dicht bij de boxdeur zit, kan het sluiten moeilijk maken. Even een randje bij de deur leeg laten dus.
  • De dikke doordrenkte onderlaag kan houten wanden aantasten.
Jonge paarden in een grote inkoopstal is ideaal. Ze kunnen vrij naar buiten of schuilen/slapen.

Jonge paarden in een grote inkoopstal is ideaal. Ze kunnen vrij naar buiten of schuilen/slapen.

Wanneer je besluit een potstal uit te gaan proberen en je hebt het nog nooit eerder gedaan, dan is het goed om de do’s en don’ts te weten. Begin eens met een laag van één of twee hele balen stro. Eventueel kun je voor optimale absorbtie een zak hennep of zaagsel op de bodem leggen. Haal daarna zeker een week dagelijks alleen de mest uit de box. Herverdeel het stro en voeg een of twee plakken toe. Zorg dat de strolaag mooi gelijk verdeeld is. Zie je heel erg natte plekken? Nu kun je daar nog wat aan doen, door deze horizontaal af te steken. Ga niet graven!

Graven is namelijk het enige dat een potstal kan ruïneren, of jij dat nou doet of je paard. Wanneer je na een maand of langer probeert om die ene natte plek weg te halen, begint de ellende: er komt een vreselijke amoniakgeur naar boven die voor niemand gezond is en de stabiliteit van je potlaag komt in gevaar. Niet doen dus. Het is wel mogelijk om een laag eruit te scheppen als de berg te hoog wordt; maar tenzij je dit heel zorgvuldig doet, kun je net zo goed dan de hele stal leegscheppen en overnieuw beginnen…

Wanneer je een inloopstal wil bouwen en je bent van plan deze als potstal te gebruiken, dan kun je overwegen om de betonvloer ‘op afschot’ te storten naar een afvoerputje. Zo zal nattigheid snel afgevoerd worden. Open stallen lijken iets meer beïnvloed te worden door de weersomstandigheden. Bij lang aanhoudende nattigheid heb je iets meer stro nodig.

Niet doen: soms lijkt het of je stal wel droog genoeg is en je geen schoon stro hoeft toe te voegen. Dat kan inderdaad soms zo zijn, maar in de praktijk is het bijna altijd handiger om elke dag schoon stro toe te voegen (een en ander is natuurlijk ook afhankelijk van hoe groot de stal is en hoeveel uur je paard erin staat). Wanneer je echter te weinig stro bijvult, kan de bovenste laag te nat worden en dan is het moeilijk weer goed te krijgen; als de hele laag wat zompig wordt is het hoog tijd om je potstal te verwijderen. Dan weet je dat je de volgende keer meer stro moet gebruiken of dat het potsysteem voor jouw paard niet geschikt is. Ook een afrader voor een potstal in een box is de mest laten liggen of verspreiden over de box; de kans op wormbesmetting neemt dan toe en als je paard steeds in de mest gaat liggen, komen er dikke, vieze plekken in zijn vacht, die je er maar moeilijk uit krijgt. Voor een potstal in een loopstal of schuilstal is mest laten liggen minder een probleem, aangezien de paarden er doorgaans veel minder lang instaan. Beetje stro over de mest en ze hebben weer een schone ligplek.

Een potstal is dus iets anders dan “alleen maar opstrooien” of een smerige, slecht onderhouden stal. Om een mooie potlaag te maken waar je paard plezier van heeft, moet je met beleid opbouwen. Het is even werk, maar dan heb je ook wat!

Zorg dat je paard in de winter voldoende drinkt

Het belang van voldoende drinken in de winter kan niet vaak genoeg genoemd worden.

Het vochtgehalte van een paardenlichaam wordt geschat op 60-68 % bij volwassen paarden en tot 80% water in jonge, groeiende dieren. Het zit in alle weefsels en de basiscomponent van bloed, urine, gal, sperma en alle andere lichaamsvloeistoffen. Water is essentieel voor de spijsvertering, beginnend met de afscheiding van speeksel, en nodig voor opname van voedingsstoffen en opname in de cellen.

Metabole reacties vereisen water. Er is bijvoorbeeld 7 g water nodig om één gram glycogeen, de opslagvorm van glucose, in spiercellen en lever produceren. Water koelt het lichaam via zweetproductie en verdamping van water uit de longen.

Uitdroging kan het paard veel sneller doden dan te kort aan eten. Zelfs een licht uitgedroogd paard heeft een duidelijk verminderde inspanningstolerantie en uithoudingsvermogen. Een spijsverteringsstoornis leidt vaak tot koliek en/of verstoringen van de elektrolyten balans. Grotere uitdroging kan als gevolg hebben het snel dalen van de bloeddruk en resulteren in nierfalen.

Wanneer waterbronnen zijn bevroren kan een paard overleven, tenminste voor een tijdje, door het eten van sneeuw, maar dit is niet bepaald een optimale inname van water. Gedomesticeerde paarden in het bijzonder lopen een zeer hoog risico op koliek en orgaanfalen omdat hun winter dieet bestaat uit hooi en ander gedroogd materiaal (zelfs slapende grassen bevatten water) en ze niet zo veel bewegen als wilde paarden.

Elektrische ontdooiers (lint e.a.) voorkomen dat water ijskoud is, maar het zal niet echt opwarmen. Om water lekker warm te maken, dat is wat paarden het liefst drinken, is meer nodig.

Ideaal is om paarden ten minste twee maal per dag lauwwarm water aan te bieden. Isolerende emmers en vaten zal het water warm te houden voor langere periodes. Als er geen warm water bij de wei/stal is, kunt u het verwarmen met een waterkoker, of meebrengen in een grote thermoskan(nen). Zodra de paarden ontdekken dat ze opgewarmd water krijgen zult u ontdekken dat ze meer en langer drinken.

Tot slot, vergeet niet te laat zout aan te bieden. Biedt een paard van 500 kilo ten minste 30 gram zout per dag aan, los over het voer of gespoten als een oplossing op het hooi. Zout moet water vasthouden in de weefsels en zijn een reden tot meer drinken.

De extra inspanning om verwarmd water te geven zal zichzelf terugbetalen als je zelfs een geval van nierfalen kan voorkomen.

Dit artikel oorspronkelijk gepubliceerd op www.uckeleequine.wordpress.com door Eleanor Kellon, VMD in Horse Health + Care